Veiligheidsaanwijzingen voor acculampen

Lees alle veiligheidsaanwijzingen en instructies. Het niet naleven van de veiligheidsaanwijzingen en instructies kan elektrische schokken, brand en/of zware verwondingen veroorzaken.
Bewaar alle veiligheidsaanwijzingen en instructies voor toekomstig gebruik.
- Ga zorgvuldig met de acculamp om. De acculamp produceert een sterke hitte en heeft koellucht uit de omgeving nodig. De afgedekte acculamp kan zichzelf of andere voorwerpen ontsteken. Een brand is het gevolg.
- Verwijder de accu voor het vervoeren en opbergen uit de acculamp. Bij per ongeluk bedienen van de lichtschakelaar bestaat gevaar door oververhitting en brand.

Houd tussen de acculamp en alle verlichte oppervlakken en voorwerpen de minimumafstand aan. Als deze afstand kleiner wordt, dan kunnen de verlichte voorwerpen oververhit raken.
| LET OP! Kijk niet langere tijd in de lichtstraal. De optische stralen kunnen schadelijk voor uw ogen zijn. |
- Richt de lichtstraal nooit op personen of dieren. De lichtstraal belemmert het gezichtsvermogen en kan de ogen beschadigen.
- Druk na het automatisch uitschakelen van de acculamp niet meer op de lichtschakelaar. De accu kan anders beschadigd worden. Zorg ervoor dat de accu geladen en de acculamp afgekoeld is, voordat u de acculamp weer inschakelt.
- Bij beschadiging en verkeerd gebruik van de accu kunnen er dampen vrijkomen. De accu kan branden of exploderen. Zorg voor de aanvoer van frisse lucht en zoek bij klachten een arts op. De dampen kunnen de luchtwegen irriteren.
- Bij verkeerd gebruik of een beschadigde accu kan brandbare vloeistof uit de accu lekken. Voorkom contact daarmee. Spoel bij onvoorzien contact met water af. Wanneer de vloeistof in de ogen komt, dient u bovendien een arts te raadplegen. Gelekte accuvloeistof kan tot huidirritaties of verbrandingen leiden.
- Door spitse voorwerpen, zoals bijv. spijkers of schroevendraaiers, of door krachtinwerking van buitenaf kan de accu beschadigd worden. Er kan een interne kortsluiting ontstaan en de accu doen branden, roken, exploderen of oververhitten.
- Houd de niet-gebruikte accu uit de buurt van paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen die overbrugging van de contacten zouden kunnen veroorzaken. Kortsluiting tussen de accucontacten kan brandwonden of brand tot gevolg hebben.
- Open de accu niet. Er bestaat gevaar voor kortsluiting.
| Bescherm de accu tegen hitte, bijvoorbeeld ook tegen voortdurend zonlicht, vuur, vuil, water en vocht. Er bestaat gevaar voor explosie en kortsluiting. |
- Laad de accu's alleen op met oplaadapparaten die door de fabrikant aangeraden worden. Door een oplaadapparaat dat voor een bepaald type accu geschikt is, bestaat bij gebruik met andere accu's brandgevaar.
- Gebruik de accu alleen in producten van de fabrikant of producten van het POWER FOR ALL-systeem. Alleen zo wordt de accu tegen gevaarlijke overbelasting beschermd.
| Houd de acculamp uit de buurt van implantaten en andere medische apparaten, zoals pacemakers en insulinepompen. Door de magneet van de acculamp wordt een veld opgewekt dat de werking van implantaten en medische apparaten kan verstoren. |
- Houd de acculamp uit de buurt van magnetische gegevensdragers en magnetisch gevoelige toestellen. Door de werking van de magneet kan het tot onherstelbaar gegevensverlies komen.
- Breng de acculamp met behulp van de bevestigingsmagneet niet hoog boven het hoofd aan. Bij het vallen bestaat verwondingsgevaar.
- Controleer of de bevestigingsmagneet de acculamp permanent kan dragen. Bij het vallen bestaat verwondingsgevaar.
- Vermijd ophoping van stof op de werkplek. Stof kan gemakkelijk ontbranden.
- Laat kinderen de acculamp niet gebruiken. Kinderen kunnen onbedoeld zichzelf of andere personen verblinden.


