Ingebruikname

Met geplaatste accu is de acculamp gereed voor gebruik.

Klap de lampkop (1) uit en plaats de acculamp op de juiste plek. Let erop dat deze stabiel staat en voldoende afstand tot warmtegevoelige en ontvlambare voorwerpen heeft.

De lampkop (1) kan in verschillende posities gedraaid en gekanteld worden.

Lichtschakelaar (5)

Functie

1× drukken

Acculamp inschakelen, lage helderheid

2× drukken

Acculamp inschakelen, gemiddelde helderheid

3× drukken

Acculamp inschakelen, maximale helderheid

4× drukken

Acculamp uitschakelen

lang drukken

Acculamp uitschakelen

Lichttemperatuur-toets (4)

Lichttemperatuur

1× drukken

warm wit

2× drukken

koud wit

Bij overschrijding van de toegestane gebruikstemperatuur wordt de acculamp uitgeschakeld. Laat vóór verder gebruik de acculamp afkoelen.